vrijdag 27 augustus 2010

Woensdag 18 augustus 2010 - Delhi



Onze laatste échte dag India. We komen niet zo goed op gang, zijn nog wat moe van de lange reisdag gisteren. We wandelen de tien minuten van ons hotel naar de main bazaar van Paherganj. Hier willen we even ontbijten en alvast online inchecken.
Er zijn in de straat al wel wat verbeteringen zichtbaar ten opzichte van twee weken geleden. De straat zelf is beter begaanbaar maar aan de gevels is nog niet veel veranderd.

We duiken in een bakery voor het ontbijt: de laatste keer fruitsalade met verse yoghurt en een banana-lassi. We zullen het missen! Alhoewel, Tarah mist haar broodje met hagelslag inmiddels toch wel meer geloof ik :)
Ik loop even naar de overkant om in een internetcafé in te checken. Er zijn gelukkig geen wijzigingen in het vluchtschema.

Als we de bakery uitlopen worden we toegezwaaid door een riksjarijder, een Sikh. Hij wil ons de komende vier uur wel rondrijden door Delhi. We spreken een bedrag af en vertrekken. De man wil ons graag zijn tempel laten zien dus daar rijden we als eerste heen.

Als we aan komen rijden bij de Sikh-tempel blijkt deze zelfs een ondergrondse parkeergarage te hebben! Overal wordt nog gewerkt aan verfraaiing en uitbreiding van de tempel. Er zit bij de Sikhs behoorlijk wat geld en dat zie je aan de tempel en het gebied eromheen. Alles is glimmend schoon, een verademing in dit vuile land. We worden eerst meegenomen naar een kantoortje voor buitenlandse bezoekers. Dit kennen we nog van ons vorige bezoek aan een Sikh-tempel, namelijk die in Amritsar waar de Gouden Tempel, hét heilige der heiligen van de Sikhs staat. We krijgen alle drie een oranje hoofddoekje om en lopen dan met de man mee naar de tempel. Voor we binnen gaan moeten we eerst nog onze handen wassen en een stukje verderop moeten we door een voetenbadje. Dan zijn we schoon genoeg om de tempel binnen te mogen treden.

Binnen is het prachtig. Er ligt heerlijk zacht tapijt op de grond en in het midden van de grote ruimte ligt op een verhoging en onder een zacht-paarse baldakijn het heilige boek van de Sikhs, bedekt met mooie stoffen. Erachter zit een priester die af en toe met een soort stofwaaiertje zwaait en aan de zijkant zitten drie muzikanten live muziek te maken. We nemen wat foto's en wandelen wat rond en volgen de man dan naar een hoek van de ruimte. Hier bevindt zich de "slaapkamer" (zo noemen ze het ook echt) van het heilige boek. Iedere avond wordt deze met veel vertoon naar bed gebracht en heel vroeg 's ochtends wordt het weer uit bed gehaald. Dan lopen we naar het grote bad naast de tempel. Deze is gevuld met zuiver bronwater wat helend zou werken. Een bad nemen hierin geneest kwalen. Onze riksjarijder loopt even weg en komt dan terug met een donkerrood met gouden borduursels stuk stof die ik vervolgens van hem krijg. Hij wil me deze stof die uit de tempel afkomstig is graag geven. Ik accepteer de stof al weet ik niet zo goed waarom ik het krijg. Ook staat hij erop dat ik wat (gratis) boeken meeneem over het Sikhisme. Ik ben wel benieuwd wat ze te melden hebben dus deze accepteer ik ook. Blijkbaar is de man van mening dat ik "gered" moet worden!

Volgende stop is de Lotus of Bahai tempel. Deze ligt 16 kilometer verder en de Sikh stelt voor om dit stuk met zijn auto te doen. Gezien de enorm hoge temperatuur deze dag (het schijnt 38 graden te zijn) is een auto met airco wel erg aanlokkelijk! Omdat hij de auto "even moet ophalen" dumpt hij ons bij een winkel. We gaan maar akkoord. Hij krijgt er een bonus voor en we willen wel even kijken. In de winkel stormt het personeel op ons af. Oh, wat haten wij dit soort winkels toch! We worden meegesleept naar beneden waar de tapijten blijken te liggen. Ik weiger te kijken en loop weer naar boven. We kijken wat rond, Tarah en ik willen beiden nog enkele cadeautjes kopen maar de prijzen zijn belachelijk hoog. Uiteindelijk kopen we allebei een beeldje van sandelhout na stevig onderhandeld te hebben. We moeten ons zo'n beetje losrukken om de winkel te kunnen verlaten maar het lukt.

De auto van de Sikh blijkt een klein oud rotautootje te zijn. Met de knieën in de neus rijden we richting Lotustempel. Deze tempel in de vorm van een lotusbloem is ontworpen door een Iraans-Canadese architect voor de aanhangers van het Bahai geloof. Dit is een monotheïstische religie die in de 19e eeuw gesticht is door ene Bahá'u'lláh (nee, ik weet ook niet hoe je het moet uitspreken) in Perzië, het huidige Iran. De leringen benadrukken de onderliggende eenheid van de grote wereldgodsdienst, de eenheid van God, de eenheid van religie en de eenheid van de mensheid. Iedereen is gelijk, man en vrouw moeten ernaar streven elkaars geestelijke leven te verbeteren en interraciale huwelijken worden zeer geprezen. Klinkt allemaal mooi maar als atheïst proef ik er toch een beetje veel sekte in.

Na onze schoenen te hebben afgegeven lopen we naar de tempel. In rijen van vier moeten we ons opstellen bij de deur waarna we van een zeer zedig uitziend meisje een korte uitleg van de tempel krijgen en de regels: niet praten, niet fotograferen of filmen, telefoon uit. Dan mogen we naar binnen. De tempel is van binnen sober en saai. Ik hoest even (dat hadden ze niet verboden): de akoestiek is geweldig. Maar er is niets te zien of te doen dus staan we binnen tien minuten weer buiten. We halen onze schoenen op en lopen nog even naar het infocenter waar ze een fotopresentatie hebben van alle Bahai tempels in de wereld. Dan lopen we terug naar de parkeerplaats waar onze Sikh al op ons staat te wachten. We gaan richting moskee, de Jama Mashid. In de verte dreigt een enorme regenbui en het is drukkend warm. Als we net vertrokken zijn hoor ik de chauffeur tegen Barth zeggen dat hij ons nog naar een winkel wil brengen en voor we het weten staan we weer voor een tourist-trap. Als we even naar binnen gaan, ook al is het maar tien minuten zegt hij, krijgt hij een waardebon of iets dergelijks. We balen en hebben hier echt helemaal geen zin in maar lopen in eerste instantie toch naar binnen. Maar als de verkopers weer als duveltjes uit doosjes op ons afstormen draaien we ons resoluut om en lopen de winkel weer uit. We verontschuldigen ons bij de chauffeur en geven aan dat we één winkel wel voldoende vonden maar de man is duidelijk gepikeerd ook al zegt hij dat het niet erg is. Hij zet de radio keihard aan en rijdt nog wat harder over de hoge hobbels in de weg. Hij zegt geen woord meer.

Even later komt de regen met bakken naar beneden en in een mum van tijd veranderen de straten in snelstromende rivieren. Overal staan mensen te schuilen voor de erorme hoeveelheid water dat naar beneden komt. Met dit weer hebben we weinig zin om naar de Jama Mashid te gaan en we vragen de chauffeur om ons af te zetten op Connought Place. Dat wil hij wel, maar het kost ons 200 rupees extra. Nu word ik pas echt boos. De Jama Mashid ligt verder weg dan Connought Place en om bij de moskee te komen moet hij vanaf hier sowieso langs Connought Place. We weigeren het geld te betalen, herhalen nog een keer waar we afgezet willen worden (en afgezet worden we!) en zwijgen dan. De sfeer wordt er zo niet beter op en we zijn blij als we eindelijk uit kunnen stappen. We staan tegenover een Kentucky Fried Chicken en we hebben honger dus duiken we hier naar binnen. We bespreken wat we verder nog willen doen vandaag. Wat we nog niet gedaan hebben is naar de bioscoop. Er moet een bioscoop in de buurt zijn dus gaan we ernaar op zoek. Connought Place ligt net als de bazaar ook volledig overhoop en we moeten ons een weg banen door de modder en het drukke verker. We vinden de bioscoop maar het heeft geen zin om naar binnen te gaan: de stroom is uitgevallen. Geen film dus. Daarom maar richting bazaar om de laatste kadootjes te kopen. We lopen hier een uurtje of zo rond en gaan dan met de autoriksja terug naar het hotel waar we alvast onze spullen gaan inpakken. Eigenlijk wilden we nog naar het Rode Fort waar iedere avond een beeld- en geluidshow wordt opgevoerd over de historie van het fort maar we hebben er geen zin meer in, we zitten vol. Het is klaar, we willen naar huis. Morgen om half vijf in de ochtend zal ons vliegtuig vertrekken, de taxi zal ons om half twee ophalen.

vrijdag 20 augustus 2010

Dinsdag 17 augustus 2010 - Shimla --> Delhi


GeoTagged, [N53.20240, W6.58395]

Vandaag gaat een langgekoesterd wensje van mij in vervulling: het treintje door de bergen van Shimla naar Kalka. Onze chauffeur heeft ons gevraagd zelf de weg naar beneden te lopen vanwege de moeilijke bereikbaarheid van het hotel en als we aan komen lopen komt hij net aanrijden. De rit naar het station duurt nog geen kwartier, we zijn dan ook veel te vroeg. Onze chauffeur zal met onze bagage doorrijden naar Kalka (een rit van twee uur) en daar op ons wachten.

Het treintje blijkt er al te staan, er hangt een print van de stoelverdeling en we staan er gelukkig op!
Om half elf vertrekt de trein. Tegenover ons zit een Amerikaanse onderzoekster die traditionele huizen in de Kinnaur Vallei heeft bezocht en een ouder Indiaas echtpaar.

Het eerste deel van de rit is het mistig en grijs maar na een tijdje begint de zon te schijnen en worden de uitzichten steeds mooier.

Even wat feiten over dit traject: het is 95,5 km lang, heeft 102 tunnels waarvan nummer 33 1143,61 meter lang is, er zijn 845 bruggen gebouwd waarvan de langste 226 meter is en er zitten 919 bochten in. Het traject is in 1903 opgeleverd en vanaf 1906 geopend voor passagiers. De rit zal tussen de vijf en zes uur duren. Vroeger reed hier een stoomtreintje maar die dagen zijn al lang voorbij, helaas. Het aftandse treintje wordt nu voortgetrokken door een diesellocomotief.

Af en toe stoppen we op een stationnetje waar allerlei lekkere hapjes worden verkocht. Van het Indiase echtpaar krijgen we af en toe ook lekkere dingen toegestopt, waaronder verse guaves, heerlijk! Vooral leuk is het om in de deuropening te gaan zitten met je voeten op de traptrede. Wel op tijd naar achteren leunen als er weer een tunnel opdoemt!
Onderweg zien we een lange file op de weg staan. Deze blijkt veroorzaakt te worden door een vrachtwagen die net naast de spoorwegovergang op z'n kop ligt. De treinen kunnen passeren maar de weg is volledig geblokkeerd.

Tegen half vijf zijn we in het stadje Kalka. Als we uitstappen staat onze chauffeur al op ons te wachten. Bij blijkt er echter ook pas 20 minuten te zijn. Naast een aantal kleine aardverschuivingen die hem hebben opgehouden heeft ook hij last gehad van de omgevallen vrachtwagen. Maar hij is er, dus we kunnen beginnen aan het tweede deel van de reis, de autorit naar Delhi, die ongeveer vijf uur zal duren.

Het duurt niet lang voor we enigszins weemoedig de bergen definitief achter ons laten en de hitte van het vlakke land weer inrijden. We stoppen om een uur of zeven bij hetzelfde wegrestaurant als op de heenweg. Als we uitstappen voelt de extreme warmte als een klap in het gezicht en de airco in het restaurant is meer dan welkom.

Tegen elf uur zijn we in Delhi. Over een week of vijf beginnen hier de Commonwealth games 2010. Overal wordt gewerkt aan de wegen en aan een nieuwe metro. Er duiken echter steeds meer omkoopschandalen op, koningin Elisabeth heeft er al schande van gesproken en de kans dat alles op tijd klaar is wordt steeds kleiner. Het opknappen van Delhi heeft miljarden gekost, geld dat India niet heeft en wat eigenlijk ook in de burgers gestoken had moeten worden en niet in infrastructuur ten behoeve van een sporttoernooi.

Tarah is de simpele hotels beu en wil luxe! We nemen dus een goed hotel, maar niet voordat ik er nog eerst wat geld heb afgeluld. Zelfs over kosten van een hotelovernachting kan worden onderhandeld in India!

Het is tegen één uur 's nachts als we uiteindelijk het licht uitdoen. Morgen gaat de laatste dag van onze reis in...

donderdag 19 augustus 2010

Maandag 16 augustus 2010 - Rewalsar Lake --> Shimla


GeoTagged, [N31.08411, W77.15926]

Wat een nacht... Door aanhoudend hondengeblaf in het dorp duurde het lang voordat we in slaap vielen. Toen begon het hard te regenen wat op het golfplaten dak boven ons klonk als tromgeroffel. En vanaf vroeg vanochtend zitten er duiven op het dak te koeren en te schuifelen. We hebben betere nachten gehad...

Voordat we vertrekken maken we eerst nog een wandeling rond het meertje. Er zitten enkele grote troepen apen langs het meer die niet aldoor even vriendelijk lijken. Ze trekken met veel gekrijs en vertoon langs het water en maken ruzie met de honden die er ook lopen. In één hoek van het meertje hangen allemaal boeddhistische vlaggen, bij een ander deel staat Eden Sihk-tempel en een stukje verderop komen we bij een Hindu-tempel. Hier zit ook weer een troep apen die meelift op de populariteit van een grote school vissen. Bij het water staN diverse mensen gepoft rijst, maïs en andere lekkernijen te verkopen die aan de vissen gevoerd kunnen worden. De apen staan met de voeten in het water om ook een graantje mee te kunnen pikken. Er is veel gekrijs en gedraaf bij de apen en af en toe moeten ze met stokken weggejaagd worden. Het is een leuk en door de kleding van de Indiase vrouwen bont spektakel.

We wandelen door de smalle straatjes van Rewalsar terug naar het hotel waar onze chauffeur al op ons staat te wachten. Gedurende de uren die volgen rijden we door mooie valleien naar een hoogte (of eigenlijk laagte) van 900 meter. Het blijft ons verbazen dat over deze weggetjes die niet breder zijn dan een meter of drie tot vier bussen en vrachtwagens rijden en ze elkaar ook nog kunnen passeren en inhalen zonder dat er eentje het ravijn indondert!

Tegen half vier zien we Shimla liggen. Het wordt qua verkeer ook gelijk een stuk drukker dus het duurt wel even voor we in het centrum zijn. Shimla is gebouwd op een heuvelrug en ligt op 2205m hoogte. Tot de Britten er arriveerden was het niets meer dan een slaperig bergdorpje, Shyamala genaamd. De Schot Charles Kennedy bouwde er in 1822 zijn zomerhuis en rond 1864 was Shimla officieel de zomerhoofdstad van de Raj. Tot 1939 vluchtte de gehele Indiase regering hierheen om te ontsnappen aan de zinderende hitte in de steden.
Het bekendste deel van de stad is The Mall, een voetgangersgebied. Hier beginnen ook de kleine winkelstraatjes die de Middle en Lower Bazar vormen.

We moeten het laatste stukje naar het hotel lopen omdat het onmogelijk is om er per auto te komen. Shimla lijkt een enorm parkeerprobleem te hebben, overal staan auto's geparkeerd. Hotel White is schoon en simpel en op een paar honderd meter van The Mall gelegen. Er moet een bed bijgeplaatst worden en we wachten tot de medewerker van het hotel de bedden heeft opgemaakt. Dan gaan we richting Mall. Meest in het oog springende gebouw hier is de Christ Church kerk. Het is de op één na oudste kerk in Noord-India en het is gebouwd tussen 1846 en 1857. We lopen er even naar binnen maar omdat de schoenen weer uitmoeten (wat apart is, da's toch echt geen gewoonte bij de christenen) kijken we alleen even om het hoekje.

We wandelen verder over the Mall. Het is er druk, het zijn voornamelijk Indiase toeristen. Dan duiken we de Bazaar in. Erg interessant is het niet, er worden voornamelijk artikelen voor de locale bewoners verkocht. Na zo'n anderhalf uur zijn we er dan ook wel klaar mee. De Bazaar ligt in lagen tegen de berg aan dus we moeten een behoorlijk stel trappen op om weer bij the Mall uit te komen. Als we bijna boven zijn zien we een Chinees restaurantje. We hebben wel 's zin in iets anders dan Indiaas of Italiaans dus we gaan naar binnen. Echt schoon is het er niet, je kunt er letterlijk van de vloer eten. En dat vinden de kakkerlakjes die er rondlopen waarschijnlijk heel fijn! Maar het eten blijkt prima te zijn en zonder kakkerlakken :)

Op de terugweg naar het hotel stoppen we nog even bij een rollerskate ring. Leuk, denken we. Het is echter enorm sneu. Twee kinderen krabbelen over de baan en er zitten wat verveelde ouders langs de baan. We glippen er snel weer tussenuit. Het is nog erg vroeg als we gaan slapen. Tarah en ik hebben allebei hoofdpijn, mogelijk omdat we toch wat te weinig hebben gedronken voor de hoogte waar we op zitten. En morgen hebben we een lange dag voor de boeg terug naar Delhi!

maandag 16 augustus 2010

Zondag 15 augustus 2010 - Manali --> Rewalsar Lake




Onafhankelijkheidsdag in India! Het land viert dat het in 1947 onafhankelijk is geworden van Groot-Brittannie. Helaas zijn we vandaag niet in Delhi, hier vinden op deze dag altijd grootse vieringen plaats. In Manali merken we er niets van als we vertrekken.

Onze eerste stop in Naggar. Hier willen we even stoppen om een fort uit de 14e eeuw te bekijken. Ook zit er een museum van de Russische schilder Nikolai Roerich (jullie allen vast bekend...). Helaas blijkt alles dicht vanwege Onafhankelijkheidsdag. We maken daarom een korte wandeling over een bergpad en komen hier een Duitser tegen waar we mee aan de praat raken. Hij is ook op weg naar Spiti maar hij heeft gelukkig tijd om te wachten tot de pas weer open is. We praten een half uurtje met hem en wandelen dan weer naar de auto.

Door de mooie Kullu vallei rijden we verder in zuidelijke richting naar Kullu. Het is hier één en al appelboom, iets wat we op de heenweg toen we hier ook langs zijn gekomen ook al hadden gezien. Langs de kant van de weg staan talloze kraampjes met appels en er zijn in de grotere dorpen appel-overslag punten.

Net voor Kullu, de hoofdstad van de vallei, stoppen we bij een splinternieuw klooster. Er is hier een en al bedrijvigheid. Onze chauffeur vertelt dat de Dalai Lama hier morgen komt. En dat is te zien. Overal hangen vlaggen, er worden boeddhistische symbolen op de weg geschilderd, alles is keurig schoon en er heerst een prettige opwinding. We lopen er een tijdje rond en zien hoe ze in de tempel alles in gereedheid brengen voor het hoge bezoek van morgen. We knuffelen nog wat met een stelletje dartele pups en rijden dan verder. Jammer dat we één dagje te vroeg zijn...

Onze chauffeur stopt op gegeven moment net als op de heenweg bij een klein wit tempeltje aan de kant van de weg. Het is er nu een grote chaos. Er staan auto's en brommers geparkeerd en er lopen jongens rond met dienbladen waarop plastic bakjes met een witte substantie staan. Onze chauffeur gaat bidden en komt dan terug met voor ons allemaal een bakje. Het blijkt een soort kheer te zijn: een populair Indiaas toetje van rijst en melk met in dit geval kokos. Het is heerlijk zoet. Het wordt gratis uitgedeeld in verband met Onafhankelijkheidsdag. Is een leuk idee voor koninginnedag, iedereen gratis oranjekoek bij de kerk!

We lunchen weer bij dezelfde dhaba als op de heenweg en rijden dan in een keer door naar ons einddoel van vandaag: Rewalsar Lake. Over smalle bergweggetjes rijden we naar dit kleine dorpje hoog in de bergen dat aanbeden wordt door de Boeddhisten, Hindoes en Sikhs. In de 8e eeuw voor Christus is de Indiase scholier Padmasambhava vanuit hier vertrokken om het Boeddhisme in Tibet te verspreiden. Het is tevens de plek waar Hindoes, Boeddhisten en Sikhs in de 17e eeuw hun verzet tegen de etnische zuiveringen door de Moghuls gepland hebben.

We verwachten een groot stuk water, maar het meer blijkt behoorlijk klein te zijn. We rijden naar een hoteletje dat door de Lonely Planet goed aangeschreven staat maar deze blijkt vol. We proberen het bij een van de kloosters. De kamers zijn simpel, schoon en goedkoop maar Tarah flipt op een reusachtige spin in de kamer. Ik wacht in de auto op hen en als Tarah en Barth terugkomen sist ze: "neeeeee! Hier gaan we NIET slapen!!!!". Als ik de reden hoor ben ik het helemaal met haar eens! Blijft het overheidshotel in het dorpje over. We krijgen de Rewalsar Suite met twee 2-persoons bedden en maar liefst twee wc's en twee douches en een balkon met uitzicht over het meertje.

Rewalsar wordt gedomineerd door een 12 meter hoog beeld van Padmasambhava op een berg boven het dorp. Onze chauffeur stelt echter voor om eerst naar de Padmasambhava grot te gaan, waar Padmasambhava volgens de overlevering gemediteerd zou hebben. We kronkelen langzaam over nóg smallere weggetjes, waar tot onze verbijstering ook nog een bus overheen rijdt, verder naar boven tot we bij de ingang van de grot aankomen. Er staan hier wat kraampjes waar ze frisdrank en Tibetaanse gebedsvlaggen verkopen. We besluiten een set van vijf vlaggen te kopen die we zelf boven op kunnen hangen. Via traptreden klimmen we naar boven tot we bij de ingang van de grot komen, die wordt "bewaakt" door een non. We zijn Barth onderweg verloren en gaan dus maar met z'n tweeën naar binnen. We glibberen een trappetje af naar beneden en zijn dan in de grot. Er staan wat boterlampjes en in de verste hoek staat een beeld, ongetwijfeld moet dit Padmasambhava voorstellen. Meer is er ook niet te zien.

We zoeken Barth weer op die inmiddels bovenop de berg staat. Daar hangen we de vijf gebedsvlaggen op die we eerder gekocht hebben. We maken nog wat foto's en lopen dan naar beneden. Halverwege bij het nonnenkloostertje dat erbij hoort komen we andere mensen tegen waaronder een aantal Indiërs. De deur naar de grot is inmiddels gesloten. De nonnen spreken geen Engels en de Indiërs vragen of we alsnog naar binnen kunnen. Er wordt een andere deur geopend en als we de trap aflopen blijken er hier in de berg nog meer ruimtes met beelden te zitten. Eenmaal weer boven krijgen we nog een kopje chai, geven een donatie en dan mag ook Barth nog in de grot.

Terug bij de auto krijgen we van twee Israëlische meisjes het verzoek of ze mee mogen rijden naar beneden. Ze zijn in 2,5 uur naar boven gelopen en er rijden geen bussen meer naar beneden. Natuurlijk nemen we ze mee en onderweg wisselen we wat reiservaringen uit. Onze chauffeur stopt achter het enorme hoofd van het beeld en zegt dat we vanaf hier gemakkelijk naar beneden kunnen lopen. Het gebied rond het beeld is nog in ontwikkeling, het beeld zelf is ook pas één of twee jaar oud. Via een pad lopen we naar beneden en dan het dorpje in. Er is één hoofdstraatje (als je dat al zo mag noemen) waar een paar kleine Tibetaanse restaurantjes zitten. We gaan ergens op een piepklein balkonnetje van een restaurantje zitten maar na een kwartier heeft er nog niemand naar ons omgekeken. Dus vertrekken we weer. We hebben alle drie onze zinnen gezet op momo's maar het volgende restaurantje kan ze niet serveren al staan ze op het menu. Dus vertrekken we ook hier. De derde kan ze wel maken en na een minuutje of twintig genieten we van onze versgebakken momo's. Na het eten wandelen we terug naar ons hotel. We zijn alle drie moe, en om tien uur gaan de lampjes voor vandaag uit.

GeoTagged, [N31.08462, W77.17164]

Zaterdag 14 augustus 2010 - Manali

Na gisteren een dagje te hebben geavontuurd is het nu tijd voor een dagje shoppen en relaxen.
We zijn na het ontbijt met z'n drietjes langs de winkeltjes in Old Manali gewandeld om nog wat cadeautjes voor onszelf en anderen te kopen. Barth is daarna teruggegaan naar het guesthouse en heeft wat gelezen, geluncht en een film gekeken. Tarah en ik zijn iets heel anders gaan doen!

Tegen twee uur zijn we bij de Spa Magnolia. Na even te hebben gewacht komen er twee niet-Indiase meisjes aanlopen met ieder een grote koperen kom met warm water in de handen. Er wordt een melkachtige substantie aan toegevoegd en onze voeten worden één voor één met de hand gewassen en afgedroogd. Dan worden we meegenomen naar de "couple-room". Hier staan twee massagetafels klaar voor ons. Maar eerst mogen we om een beetje op te warmen in het stoombad. Daarna beginnen we met een Coconut/Saffron scrub. Een uur lang wordt het ingemasseerd, heerlijk. Als we ons willen afspoelen blijkt er geen water te zijn. We wachten geruime tijd in afzonderlijke douches en de meisjes die ons hebben gemasseerd komen zich meermalen verontschuldigen maar het wil met het water niet lukken. Dus komen ze weer met de koperen schalen met warm water en worden we met de hand helemaal afgesponsd.

Dan is het tijd voor de aromatherapie massage. We hebben beiden gekozen voor de Ylang-Ylang geur. We mogen kiezen of we een "soft, medium of hard massage" willen hebben. Nou, niet te hard graag. De dames beginnen bij de voeten en werken zich bij mij de komende drie kwartier een weg naar boven. De dames zijn duidelijk goed getraind en erg ervaren, het is heerlijk! Bij Tarah begint de masseuse iets later en gaat ook langer door. De reden hiervan is dat we beiden een Shirodharra behandeling krijgen en de Spa heeft maar één ruimte waar dit kan. Ik word dus eerst meegenomen. De Shirodharra is een Ayurvedische behandeling waarbij er warme olie door middel van een koperen kom met een tuitje onderaan over je voorhoofd wordt gedruppeld. Onder mijn hoofd komt een rubberen matje gelegd, op mijn ogen worden natte pads gelegd zodat de olie niet in mijn ogen loopt en ik krijg ook watjes in mijn oren zodat de olie ook daar niet inloopt. Dan kan de behandeling beginnen. De olie wordt met een inductieplaat opgewarmd en in de kom gegoten. De olie wordt vervolgens van links naar rechts over mijn voorhoofd gegoten. Af en toe wordt de olie even ingemasseerd in mijn haar. Het is extreem ontspannend en ik merk dat ik af en toe zelfs in slaap val. Veel te snel is de behandeling voorbij. De man die de behandeling uitvoert geeft aan dat er gewoonlijk nog een massage bij hoort maar dat ik die niet helemaal kan krijgen omdat Tarah ook de behandeling nog moet hebben en we al erg uitlopen omdat er geen water was. Jammer, maar helaas. Ik mag nog een kwartiertje in het stoombad en daarna douchen. Er is gelukkig weer warm water en even later zit ik zo zacht als een pasgeboren baby in de lobby te wachten tot Tarah drie kwartier later aan komt zweven. De Shirodharra had haar iets te lang geduurd maar de scrub en de massage heeft ze heerlijk gevonden.

Met een autoriksja laten we ons terugbrengen naar Drifter's waar Barth op ons wacht. Eten willen we! We zijn ruim vijf uur in de Spa geweest en we hebben sinds het ontbijt niet gegeten. Het is nu bijna acht uur en we rammelen. Na het eten kaarten en scrabbelen we nog wat en dan wordt het tijd om de laatste nacht in Manali in te gaan.

vrijdag 13 augustus 2010

Vrijdag de dertiende augustus 2010 - Manali


Tijd voor een dagje avonturieren! We zijn met onze auto naar de Solang Nullah vallei gereden. Hier zijn Barth en ik negen jaar geleden wezen paragliden. Voor mij nogal memorabel omdat we toen bij de eerste afsprong weer op de grond gestort zijn en een stuk de berg af zijn getrokken door doordat de chute wind vatte. Nu kun je er van alles naast paragliden: zorbing (in een plastic bubble de helling af), quadrijden en paardrijden.

We gaan eerst een stukje quadrijden. We mogen wel zelf rijden maar anders dan in Egypte vorig jaar zit er iemand achter ons, het zijn meerpersoons quads. We gaan eerst een stukje over de weg en slaan dan een zandpad in richting de rivier. Dat is ook het eindpunt. Over de rivier is een houten bruggetje gebouwd, deze gebruiken de inwoners van Solang om bij hun dorpje verder op de berg te komen. Als noodvoorziening hangt er een ijzeren korf aan touwen, mocht de brug weggeslagen worden door het water kan men op deze wijze alsnog naar en van het dorp komen. De mannen wijzen ernaar en vragen of we erin willen. Tarah wil wel. Lachend trekken de mannen haar over de rivier. Het ziet er echt heel grappig uit :-)
We rijden via dezelfde weg terug naar het terrein. Het was een beetje kort, maar wel leuk.


















Nadat we afgestapt zijn worden we aangesproken door een man van een paragliding bedrijfje. Voor een vlucht van rond de vijf minuten vragen ze 1500 rupees, rond de 24 euro. We gaan akkoord maar net op dat moment begint het te regenen. We moeten wachten. Na een tijdje wordt de regen minder en komen de mannen ons halen. Negen jaar geleden moesten Barth en ik de ongeveer 400 meter nog naar boven klimmen en glibberen maar sinds een jaar staat er een heuse skilift met gondels. We kopen kaartjes en gaan naar boven. Het uitzicht over de vallei is mooi maar helaas ligt Snow Peak, de met sneeuw bedekte top achter de vallei, helemaal in de wolken. Als we bijna boven zijn begint het weer hard te regenen. Als we uit de gondel stappen blijkt de bouw van de gebouwen om de skilift heen nog in volle gang. Waarschijnlijk zal het er hier over enkele jaren weer heel anders uitzien. Nu is er slechts een tentje ("pizzeria", staat er op een bordje) met wat stoelen en tafels onder parasols. We wachten een kwartiertje tot het gestopt is met regenen en dan scheiden onze wegen. Tarah en Barth gaan met de piloten mee, ik ga met de gondel weer naar beneden om te filmen.

Tarah's paraglide verhaal:
De piloten namen Barth en mij mee naar de plek waar we van de berg zouden gaan springen. De weg erheen was al een hele onderneming. We moesten door bosjes en over glibberige modder paden lopen. Voor ons was het al een enorm geglibber, maar voor de Indiase vrouw die ook met ons meeliep om te gaan paragliden was het echt niet te doen. Ze had een soort slippertjes aan die super glad waren. Ze ging dus ook om vijf meter onderuit. Toen we haar hadden ingehaald hoorden we af en toe nog een kreet van haar en was het wel weer duidelijk dat ze alweer onderuit was gegaan. Vervelend voor haar.. maar grappig voor ons om te zien :P
Na tien minuutjes glibberen kwamen Barth en ik aan op de springplek. Er waren toen al een stuk of zes mensen met hun piloten. Nadat onze piloten de parachutes hadden klaargelegd werden wij ook in ons harnas gehesen. En voor dat ik het wist zat Barth al aan zijn piloot vast gezekerd en rende van de berg af. Toen ik dat zag gebeuren begon ik zenuwachtig te worden. Mijn piloot zei tegen mij dat ik naar hem toe moest komen. Hij maakte zichzelf aan de parachute vast en mij aan hem. Na vijf minuten zo te hebben gestaan zei mijn piloot tegen mij dat ik moest beginnen met rennen. Na vier stappen te hebben gerend voelde ik dat de parachute omhoog begon te gaan en we meer kracht moesten zetten om verder te kunnen rennen. Na nog een aantal stappen kon ik niet meer met mijn voeten bij de grond en werden we omhoog gelift. En dan hang je ineens in de lucht met de bomen, die vanaf de grond zo hoog lijken, ver onder je. Mijn piloot vroeg nog een paar keer 'do you enjoy? you like?' en ik maar zeggen 'yes, yes, thank you'. Ik was te onder de indruk om een beter antwoord te kunnen geven.
Na ongeveer 3 minuten landden we precies in een dikke koeienvlaai. Maar wat maakt het uit, het was echt super om zo in de lucht te zweven.







Ineke:
Het duurt lang voor ik eerst Barth naar beneden zie komen. Ik heb tot die tijd al twee onbekenden gefilmd maar dan herken ik Barth aan zijn lichte broek. Hij blijft een minuut of vijf in de lucht en landt dan soepeltjes. Het duurt geruime tijd voor we Tarah in de lucht zien hangen. Maar daar komt ze, wuivend en wel. Ook zij landt soepel. Weer een ervaring rijker!
Het blijkt dat er jongens rondlopen die foto's maken en filmen. Ze hebben van zowel Tarah als Barth opnames gemaakt die ze voor je op een dvd zetten. Tegen betaling natuurlijk. Maar de beelden zijn mooi en Tarah en Barth kopen beide.

Dan vinden we het genoeg geweest en gaan we terug richting Manali. Onderweg staan we nog een klein half uurtje stil in verband met een verse aardverschuiving. In Manali stoppen we nog even bij Spa Magnolia. Tarah en ik hebben besloten ons een middagje sjiek te laten verwennen. We boeken een bodyscrub van kokos en saffraan, een Ayurvedische Shirodharra (er druppelt langzaam olie op je voorhoofd) en een aromatherapie massage. Heerlijk!!!

Buiten ons gueathouse lopen twee mannen rond, één is helemaal blauw geverfd en draagt een drietand en heeft een zilverkleurig emmertje in zijn hand. Hij representeert Shiva. De andere man heeft zijn gezicht wit geverfd en draagt een sari. In zijn handen heeft hij een dienblad met geld. Hij zal ongetwijfeld Shiva's bruid voorstellen. Ze lopen van deur tot deur om geld te vragen. Het doet me een beetje denken aan de Indiase versie van Sint Maarten!
In dit guesthouse zitten we trouwens: Drifter's Inn

We hebben trouwens nog even nagevraagd of de pas inmiddels open is, maar deze is nog steeds afgesloten. We hebben dus een goede keuze gemaakt het vandaag niet nog een keer te proberen.

De plannen voor de rest van de dag: happie eten, spelletjes spelen en wat relaxen. Vakantie vieren :-)

donderdag 12 augustus 2010

Donderdag 12 augustus 2010 - Manali --> Kaza (Spiti Valley)


GeoTagged, [N32.25495, W77.18209]

Als tegen half vijf de wekker gaat regent het. Het is nog stil in Manali, op enkele backpackers die met de nachtbus aangekomen zijn na.
Direct buiten Manali begint de weg te klimmen richting Rohtang La ("La" betekent pas). Het wegdek is het eerste stuk redelijk goed maar hoe hoger we komen des te slechter wordt het. Tegen zeven uur stoppen we bij een dhaba in Marhi voor een bekertje chai en een toilet. Het regent nog steeds stevig door en onze chauffeur spreekt zijn twijfel uit of we wel over de pas komen. Er komt inderdaad geen verkeer van de andere kant maar alle verkeer wat langskomt vanuit Manali rijdt wel door. Wij vertrekken dus ook maar.

Vanaf hier wordt de weg nog slechter. Er ligt bijna geen asfalt meer dus het is één grote blubberzooi. Voor ons rijdt een klein personenwagentje die maar met de grootste moeite vooruit kan komen. Niet veel verder staan we stil. Voor ons staat een lange rij auto's. De reden waarom we stilstaan is niet helemaal duidelijk: of er zitten auto's vast of er gaat telkens maar één auto verder. Even later wordt het duidelijk. We moeten een bocht om en daar is de blubber zo hoog dat de auto's geen grip hebben. Met vereende krachten worden er stenen neergelegd zodat de wielen meer grip hebben. Wij zijn de eerste die het mogen proberen. De eerste twee keer gaat het mis en moeten we terug maar de derde keer komen we erdoorheen. Maar onze blijdschap is van korte duur. Een paar honderd meter verderop staat het weer stil. Onze chauffeur gaat weer poolshoogte nemen en komt terug met slechts nieuws: de weg is geblokkeerd door een aardverschuiving. Tarah en ik willen het zelf zien en glibberen die kant op. We zien het al van afstand. De weg is volledig geblokkeerd door een aardverschuiving. Gelukkig is de weg zelf nog intact, er ligt alleen een grote hoop rotsen, stenen en zand. Hoe lang dit gaat duren is onbekend. Het kan enkele uren duren maar we kunnen ook tot morgen vastzitten. Er staat vlak voor de aardverschuiving een bulldozer maar er is niemand die de machine kan bedienen. Er zit niets anders op dan te wachten...

Terwijl we wachten zien we steeds meer auto's naar boven glibberen. Na een tijdje is er opeens commotie. Allerlei voertuigen verplaatsen zich naar beide kanten van de weg, sommigen angstvallig dicht bij de broos uitziende ravijnkant. In het midden ontstaat hierdoor een pad en dan zien we waarom. Er komt een blauwe vrachtwagen met in de laadbak een aantal wegwerkers aanrijden. Als de vrachtwagen tijdelijk even niet verder kan springen de mannen eruit en lopen naar de bulldozer en gaan aan het werk. Er ligt behoorlijk wat puin op de weg en je zou verwachten dat ze dit gewoon het ravijn in zouden schuiven maar dat gebeurt niet, waarschijnlijk omdat dit weer nieuwe aardverschuivingen teweeg zou kunnen brengen. Voorzichtig verschuift de bulldozer het puin zodat het later in de vrachtwagen kan worden geladen en kan worden afgevoerd. We beseffen dat dit nog wel enkele uren kan duren en lopen terug naar de auto. We zien dat aan de andere kant van de aardverschuiving ook beweging is. Een lange stoet mensen daalt via een behoorlijk steil pad de helling af richting Marhi, waarschijnlijk in de hoop daar vervoer naar Manali te kunnen vinden. Ook is aan onze kant een aantal auto's en bussen aan het keren, zij gaan terug.

Als we weer in de auto zitten horen we opeens Nederlands spreken. Het stel blijkt in dezelfde omstandigheden als wij te zitten: eerst Ladakh als reisdoel, nu onderweg naar Spiti. Zij overwegen om terug te gaan. Wij bespreken inmiddels ook de opties. Ook al komen we hier vandaag nog vandaan, we hebben geen idee hoe de rest van de 70km naar en over de pas eruit ziet. We lopen het risico om vast te komen zitten tussen twee aardverschuivingen in. Dit zou een nacht in de auto kunnen betekenen. Daarnaast zien we de weg met de minuut verslechteren. En om alles nog erger te maken begint het hard te regenen. Tarah is degene die de doorslag geeft. Ze vindt het geslip op de smalle wegen zo dicht naast de diepe afgronden te eng. Barth en ik vinden het niet zozeer eng als wel te gevaarlijk en onverantwoord om door te rijden. Dus stappen we (voor de zekerheid) uit terwijl onze chauffeur de auto op de smalle weg keert. Het is ontzettend jammer. Af en toe trekt de dichte mist wat op en zien we een glimp van de schoonheid van dit majestueuze gebergte. Niet ver van ons vandaan ligt zelfs verse sneeuw! Maar onze veiligheid gaat voor en we staan alle drie duizend procent achter deze keuze.

Terwijl we naar beneden slippen zien we een aantal motorrijders door de blubber worstelen. Hun wielen zijn bijna volledig verdwenen en ze krijgen geen beweging in de zware machines. Het zou gekkenwerk zijn als ze door zouden rijden.
We stoppen nog even weer bij de dhaba in Marhi voor een welverdiend glas chai. Ook hier staat een grote groep motorrijders. We raken met ze aan de praat, één van hen blijkt een in Bangkok wonende Belg. We omschrijven de situatie op de berg en hoe we de andere motorrijders hebben zien glibberen en worstelen. Ons verhaal lijkt ze ertoe te bewegen niet verder te rijden. We wensen ze een veilige reis en stappen dan weer in de auto.

Onderweg stoppen we nog een aantal malen om wat foto's te maken. Op diverse plekken storten flinke watervallen van de berg naar beneden en dat geeft samen met de wolken prachtige dramatische plaatjes.

Vlak na één uur, negen uur nadat we vertrokken zijn, rijden we Manali weer binnen. We hadden niet verwacht noch gepland hier zo snel dan wel ooit weer te zijn...

Na een stevige lunch (je krijgt toch behoorlijk trek van zo'n avontuur!) kunnen we weer terecht in onze 'eigen' kamer. De zon schijnt uitbundig. Het is moeilijk voor te stellen dat we deze ochtend nog in zo'n hachelijke situatie zaten. Tarah en Barth doen een dutje en ik ga lekker op ons terras in het zonnetje zitten lezen. We moeten ons later maar beraden over wat we de rest van onze reis gaan doen.

We rijden aan het begin van de avond nog even naar Manali. Het is nog steeds droog en onbewolkt en nu pas zien we de sneeuw op de ons omringende bergen! Tenminste nog iets... Tot morgen!


woensdag 11 augustus 2010

Woensdag 11 augustus 2010 - Old Manali


GeoTagged, [N32.25022, W77.17873]

Op het moment dat we ons hotel uitlopen begint de zon te schijnen en op het zonovergoten terrasje van the English Bakery genieten we van ons zoete ontbijtje van een croissant met Nutella, een cinnamonroll (ikke) en een groot stuk appeltaart voor onze Barth. Verderop zien we ons wasgoed blij aan de lijn wapperen.
Met onze chauffeur spreken we de komende dagen nog even door. Het initiële plan was om na drie dagen Spiti weer in Manali terug te komen maar hij heeft een ander voorstel waarvan hij denkt dat we het ook erg mooi zullen vinden. we gaan akkoord en geven hem de rest van de dag vrij, we hebben geen auto nodig.

De bedoeling is om naar Vashist, een klein dorpje 6 kilometer verderop tegen de berg aan de andere kant van de vallei te wandelen. Terwijl we rustig die kant op wandelen kijken we nog een beetje bij de winkeltjes in Old Manali. Het is hier gezellig druk, al is het dorp sinds wij er waren wel een stuk groter geworden. Pas nu herkennen we dingen. Niet alles is dus veranderd. Manali zelf slaan we helemaal over. Het is een stadje zoals zovele en er is weinig te beleven. We steken de brug over de woest stromende Beas rivier over en gaan richting Vashist. De weg hier is op een aantal plaatsen flink beschadigd door (kleine) aardverschuivingen en er wordt hard door met name vrouwen aan het herstel gewerkt. Één van de vrouwen draagt haar baby op de rug tijdens dit zware werk. Ik benijd haar niet...
Even later zien we aan de oever van de rivier een groep mensen staan. Als we beter kijken zien we dat hier een crematie aan de gang is. Het stoffelijk overschot wordt net ontdaan van de doeken en ondergedompeld in het water. Iemand is hout aan het hakken en een ander is een vuur aan het starten. We blijven even staan om te kijken en lopen dan verder. Een stukje verderop, net bij de afslag naar Vashist, krijgen we gezelschap van een puppy. Hij geniet van onze aandacht en wandelt blij kwispelend met ons mee.

Ook deze weg heeft het flink te verduren gehad en op de 1,5 kilometer weg wordt op een aantal plekken de weg hersteld. Bij een plek waar het water enkelhoog over de weg stroomt raken we onze pup kwijt. Hij durft er niet overheen en wordt door de wegwerkers weggejaagd. Puploos wandelen we verder en komen dan bij een restaurantje waar we negen jaar geleden ook hebben gezeten. De jongen die ons helpt vertelt uit Rishikesh te komen maar z'n familie was "crazy", z'n vader was een ex-militair en hij moest iedere dag om vijf uur opstaan. Daar had ie geen zin in en nu werkt hij zes maanden per jaar in Vashist en de andere zes in Goa. Best of both worlds!

Tarah en ik gaan nog wat shoppen en gaan op de foto met een gigantisch konijn, wit en zacht met rode ogen. Een albino konjin? Een angora konijn? Wie het weet mag het zeggen!
Daarna lopen we verder naar de hot springs. We hadden voor de zekerheid onze zwemspullen meegenomen al wisten we niet wat we er aan zouden treffen. De baden blijken in een klein tempelcomplex te zijn en mannen en vrouwen moeten gescheiden baden. We besluiten ons in een redelijk schoon toilet om te kleden, bekijken vanaf boven even Barth die al in het mannenbad (het vrouwenbad is vanaf buiten niet zichtbaar) en lopen dan het ommuurde bad in. Er zijn een tiental vrouwen en enkele kinderen aanwezig, Hindustaans en Tibetaans. Er is één andere westerse vrouw aanwezig. We kleden ons uit en stappen het bad in. Het water is behoorlijk heet, we schatten zeker veertig graden en het is zout. Het is grappig om de verschillen tussen de Hindu vrouwen en de Tibetaanse vrouwen te zien. De eersten zijn erg preuts en houden bij het baden een sari om. De Tibetaanse vrouwen hebben slechts een slip aan en baden ongegeneerd met blote borsten. We bekijken elkaar allemaal. Na een minuut of twintig vinden we het genoeg, we krijgen het erg warm. We verwisselen onze badkleding voor gewone kleding en zoeken dan Barth op, die buiten al op ons zit te wachten.

Met een autoriksja gaan we terug naar Old Manali. We halen onze schone was op, Tarah gaat nog even shoppen, ik ga bloggen en Barth gaat ergens wat muziek luisteren. In het restaurantje beneden gaan we maar weer een hapje eten: het is erg erg gezellig en het eten is er erg goed. Net als gisteren besluiten we de avond met een potje jokeren onder het "genot" van luide house. En dan is het inpakken en slapen geblazen want morgenochtend gaat om vier uur de wekker. Aaaaahhh!!!!

Old Manali


GeoTagged, [N32.26299, W77.18222]

Dinsdag 10 augustus 2010 - Dharamsala --> Manali


GeoTagged, [N32.26299, W77.18222]

Om acht uur worden we gebeld dat onze taxi er is. Als we naar beneden lopen zien we de hotel eigenaar al met Ganesha, die vanaf nu met ons mee zal rijden, onder de arm richting auto. Er is achterin nog een stoel over en daar wordt Ganesha op gezet. Veiligheidsgordel om, klaar!
Nadat we de rekening betaald hebben krijgen we alle drie door een van de Tibetaanse vrouwen ter afscheid een traditionele witte sjaal omgehangen. Dan gaan we op pad.

De weg is extreem bochtig en na een paar uur voelen we ons alle drie een beetje vervelend. Rond twaalf uur stoppen we in een wegrestaurantje voor de lunch en daarna voelen we ons gelukkig wat beter. De weg blijft echter bochtig en druk en vrijwel iedereen rijdt te hard. Bij het inhalen zitten we soms ook met samengeknepen billen maar nog steeds gaat alles goed. In een klein dorpje gaat het echter bijna mis. Een hard rijdende ons tegemoetkomende bus wijkt uit voor een plotseling stoppende andere bus en komt recht op onze auto af. Onze chauffeur moet bovenop de rem en met gierende banden komen we tot stilstand terwijl luchtdruk van de bus die ons op het nippertje mist tegen de auto klapt. We halen alle vier even diep adem. Dat was schrikken...

De valleien waar we doorrijden worden steeds mooier. De zon is weer gaan schijnen en dat is na een paar dagen in de mist ook wel fijn. We zien onderweg veel groepen apen en opeens ruiken we de onmiskenbare geur van wiet. Er staan overal langs de kant van de weg wietplanten, maar goed dat Ab Klink hier niet woont, hij zou ze direct verbieden! Vernietigen, alle 721 miljard plantjes in India! ;-)

Op 50 kilometer vanaf Manali ligt het stadje Kullu. De rivier de Beas stroomt ook hier doorheen en er zijn talloze bedrijfjes langs de rivier die raften aanbieden. Het water ziet er extreem geschikt voor uit, helaas past het vandaag niet in het programma.

Om vier uur rijden we Manali binnen. We vragen onze chauffeur ons naar Old Manali, een paar kilometer de berg op te brengen. Dit deel van Manali is een hippie-dorpje en erg geliefd bij backpackers. Barth en ik hebben hier in 2001 ook een paar dagen gezeten en het erg naar ons zin gehad. Tarah is bij het zien van alle winkeltjes ook direct enthousiast: als zij maar kan shoppen is ze al snel tevreden!
Het is nog niet zo gemakkelijk om een kamer te vinden. Ondanks het feit dat het laagseizoen is zijn er extreem veel toeristen en veel hotels en guesthouses zijn vol. Uiteindelijk vinden we een fijne kamer met twee 2-persoons bedden in Drifter's. We rusten even een tijdje uit van de rit, brengen wat wasgoed naar een laundry-service en gaan dan in het restaurantje van het hotel eten. We hebben alle drie wat hoofdpijn, waarschijnlijk door de hoogte. We zitten nu op ongeveer 2075 meter hoogte en dat merk je toch wel even. Gelukkig doet een paracetamolletje wonderen. Het is supergezellig in het restaurantje en we besluiten er nog een tijdje te blijven kaarten. Old Manali bevalt tot nu toe weer prima!

Maandag 9 augustus 2010 - Dharamsala


Deze ochtend slapen we lekker uit en gaan dan ontbijten bij een café met wi-fi. Dan zoeken we een reisbureautje om de taxirit naar Manali te boeken. We hebben al betaald als de man oppert om voor ons een jeep-safari te regelen. Hij stelt voor om naar Spiti te gaan. Dit deel van de deelstaat Himachal Pradesh is behoorlijk afgelegen en eigenlijk misschien wel net zo mooi als Ladakh. Uiteindelijk besluiten we om de jeep (ik moet eigenlijk zeggen Toyota Landcruiser) tot aan Delhi, dus voor de rest van de reis te huren.

We wandelen links en rechts shoppend richting Tsuglagkhang complex. Het weer is gelukkig heel aardig, af en toe komt de zon er zelfs door. De ingang naar de tempel en daarmee ook de photang oftewel de officiële residentie van de Dalai Lama is extreem eenvoudig, geen glitter en glamour of andere poespas, helemaal zoals het een "eenvoudige monnik" betaamt.
Een stukje verderop worden we (dat dan weer wel) gefouilleerd en worden onze tassen bekeken, maar het gaat op z'n vjjvendertigst, zeker niet militaristisch van aard. Eenmaal boven bij de tempel valt me direct op dat de binnenplaats overdekt is. Verder zie ik geen enkele verandering ten opzichte van 1999.

De monniken zijn, zoals iedere middag in alle kloosters die ik tot nu toe bezocht heb, aan het debatteren. Het is altijd bijzonder vermakelijk om te zien. Één monnik zit op de grond terwijl de andere ervoor staat. Met handgeklap en af en toe gestamp proberen de staande monnik de ander van zijn gelijk te overtuigen. Het gaat gepaard met veel gelach en soms verontwaardigde kreten. Er zitten meerdere westerlingen tussen de monniken en ze debatteren naar hartelust mee.

We gaan de trap op naar de Tsuglagkhang tempel met het 3 meter hoge vergulde beeld van de Sakyamuni Boeddha, geflankeerd door Avalokitesvara en Padmasambhava, de Indiase scholier die het Boeddhisme in Tibet geïntroduceerd heeft.

Dan gaan we de Kalachakra (wiel des tijds) tempel ernaast binnen. Deze is in 1992 gebouwd en bevat prachtige muurschilderingen waaronder de wiel des tijds mandala.
Ook kijken we nog even bij het huis van de Dalai Lama maar deze is niet thuis, weten we. Hij is op de universiteit in Delhi aan het debatteren met studenten. Jammer...

Als we teruglopen richting hotel spot Barth een prachtige mandala in een winkeltje. Ik zit zelf nog steeds na te denken over de aanschaf van een prachtige bronzen Ganesha van ruim een halve meter hoog en 27 kilo zwaar. Als ik deze had willen opsturen had dat alleen al 170 euro gekost en dat samen met de kosten van het beeld zelf zou wel erg duur worden. Barth merkt op dat we nu tot aan Delhi een auto hebben en we Ganesha nu zelf mee kunnen nemen. Dat zou behoorlijk schelen in de kosten. We gaan terug naar de winkel en na heel veel soebatten en nadenken over de nadelen van het zelf meeslepen en inchecken van het beeld koop ik het toch. Het is werkelijk een schitterend beeld, prachtig gedetailleerd en erg mooi afgewerkt. Ik was er direct verliefd op! De eigenaar van de winkel belooft het beeld die avond goed ingepakt bij ons hotel af te leveren en verzekert ons dat het zodanig ingepakt zal worden dat het de vliegreis goed overleeft.

Om zeven uur willen we naar een pro-Tibetaans centrum waar ze de film Kundun laten zien en je onbeperkt momo's kunt eten. Helaas komen we er wat te laat aan. De film is al begonnen en het zit er bomvol. Dus gaan we maar naar Jimmy's Italian Restaurant om een pizza te scoren. Dit restaurant zit toevallig boven de winkel waar we Ganesha gekocht hebben. Terwijl we langslopen roept de eigenaarons naar binnen en zodoende zijn we er getuige van hoe Ganesha ingepakt wordt.

Terwijl we in het restaurant zitten begint het te onweren. Het flitst en rommelt onophoudelijk en niet veel later begint het extreem hard te regenen. De straat onder ons verandert in een beek en af en toe dondert het stevig. We willen het spektakel eigenlijk wel vanaf ons eigen balkon zien maar dat was een minder goed idee. Binnen enkele seconden zijn we, ondanks de paraplu, tot op onze huid doorweekt. En daarmee zit ons verblijf in Dharamsala erop. Morgen naar Manali!

dinsdag 10 augustus 2010

Zondag 8 augustus 2010 - Dharamsala

Om een uur of zeven worden Barth en ik wakker. Omdat we gisteravond in het donker zijn aangekomen hebben we de vallei nog niet gezien. Toen ik hier in 1999 was heb ik ook niets gezien omdat het toen hard regende en erg mistig was. Maar nu schijnt de zon! We zien de hele vallei aan onze voeten liggen, prachtig!
Als Tarah een uurtje of twee later ook wakker is gaan we ontbijten en proberen we de actuele situatie in Leh te achterhalen. De kranten berichten allemaal over het drama wat zich daar afgespeeld heeft. Er is een modderstroom van 20 meter hoog en enkele kilometers breed langs de westkant van Leh getrokken en heeft daar o.a. het nieuwe busstation verwoest. Ook zijn meerdere dorpen in de omgeving met de grond gelijk gemaakt. Daarnaast zijn ook de wegen van Leh naar Kashmir en die van Manali naar Leh die wij moeten nemen onbegaanbaar omdat er kilometers weg verdwenen is. We spreken het door en besluiten om niet te gaan. Het zou best kunnen zijn dat tegen de tijd dat wij erheen zouden gaan de situatie weer wat hersteld is maar we zijn het er alle drie over eens dat we geen ramptoeristje willen gaan spelen.

Bij het boeken van de vlucht van Leh naar Delhi heb ik bij wijze van grote uitzondering een annuleringsverzekering afgesloten, iets wat ik gewoonlijk nooit doe als ik in het buitenland een vlucht via internet boek. Maar voor 2,25 pp leek het me gezien de onvoorspelbaarheid van het weer en de moeilijke locatie van het vliegveld (korte startbaan ivm de omliggende bergen) geen overbodige luxe. En dat lijkt ons nu bijna 500 euro te gaan schelen. Ik mail naar Kingfisher airlines en krijg al snel een mailtje terug dat het annuleren geen probleem is, de kosten bedragen 35 euro en een mailtje is voldoende. Bij deze de warme douche voor Kingfisher airlines!!!

De rest van de middag doen we niet veel anders dan shoppen. Het is hier echt shopaholic's paradise als je van Tibetaanse sieraden, Kashmir sjaals en kleden, beeldjes van Hindu- en boeddhistische goden en wie weet wat nog meer houdt. Al met al een lekker relaxed dagje.

maandag 9 augustus 2010

Zaterdag 7 augustus 2010 - Delhi --> Dharamsala


GeoTagged, [N32.23981, W76.32074]

We ontbijten op het mooie groene dakterras van het hotel en als we weer in onze kamer komen gaat de telefoon dat de taxi er is. Onze chauffeur heet Salin, hij komt uit Dharamsala en spreekt prima Engels.

Inmiddels hebben we van Jeannet gehoord dat er in de nacht van vrijdag op zaterdag als gevolg van een wolkbreuk een extreme overstroming heeft plaatsgevonden in en rond Leh. Er zijn veel doden en gewonden te betreuren en de wegen zijn door aardverschuivingen en modderstromen onbruikbaar geworden. Ook het vliegveld is onbruikbaar. Wij hebben op 17 augustus een vlucht van Leh naar Delhi geboekt maar zoals het er nu uitziet kunnen we er niet komen en de vraag is of we er onder deze omstandigheden überhaupt heen wíllen. Eerst maar eens meer informatie inwinnen.

De eerste 200 kilometer buiten Delhi zijn bijzonder saai. Pas als we rond twaalf uur in de provincie Punjab komen wordt het iets mooier. Hier lunchen we in een voor Indiase begrippen zeer luxe restaurant. Als we weer willen vertrekken blijkt de rechter achterband lek. Gelukkig zit er altijd en overal een bandenplakmannetje aan de kant van de weg die hulp kan bieden en een half uurtje later zijn we weer op weg.

Rond drie uur begint het heuvelachtig te worden. De weg wordt hier ook een stuk slechter. Helaas is de vering van het kleine wagentje waar we inzitten niet al te best dus het is vaak van bil wisselen!
Langs de kant van de weg zitten grote groepen apen. Als je je hand uit het raam steekt kun je ze zo aaien, maar dat laten we gezien de grote hoektanden van de mannetjes toch maar...

Als we aan het einde van de middag een klein dorpje inrijden voelen we het al: weer een lekker band, nu linksachter. Met behulp van enkele mannen verwisselt de chauffeur in no-time de banden terwijl wij in een cafe'tje een koel drankje drinken (de chauffeur heeft er ook eentje gekregen hoor!) De wegen worden er niet beter op maar er wordt hard gewerkt aan verbetering.

Om een uur of acht, het is inmiddels donker, rijden we Dharamsala binnen. Hier moeten we alleen niet zijn. De plek waar de tempel van de Dalai Lama staat heet McLeod Ganj en ligt hoger op de berg. We rijden dus nog een tijdje door en bereiken dan onze bestemming. Het hotel wat we uitgezocht hebben blijkt vol. Onze chauffeur weet er nog wel eentje, Zambala, een Tibetaans hotel. Het blijkt een splinternieuw en betrekkelijk duur hotel te zijn maar de eigenaren zijn extreem aardig, we hebben een balkon met prachtig uitzicht over de vallei en de kamer is groot met heerlijke bedden. We gaan in het naastgelegen Tibetaanse restaurantje vegetarische gebakken momo's, een soort pasteitjes eten. De sfeer hier in het dorp is heerlijk relaxed, hier blijven we een paar dagen. Want Tarah wil shoppen!!! En ik trouwens ook wel :-)

Vrijdag 6 augustus 2010 - vlucht Varanasi --> Delhi


GeoTagged, [N32.23592, W76.32404]

Vandaag is het 10 jaar geleden dat ik Barth mijn liefde heb verklaard en vijf jaar geleden dat Barth mij bovenin het reuzenrad in Kashgar, China ten huwelijk heeft gevraagd. Gewoonlijk vieren we het altijd wel ergens met een etentje maar dit jaar zit dat er niet in. In de eerste plaats omdat we vandaag een reisdag hebben maar ook omdat ik nog geen hap door mijn keel kan krijgen.

Om 12 uur zal er een taxi voor ons komen om ons naar het vliegveld te brengen. Tot die tijd pakken we onze spullen in en terwijl Barth op antibiotica-jacht gaat om de pillen van de Spaanse meisjes te vervangen gaan Tarah en ik op het terras zitten en kijken naar het langsstromende water van de Ganges en de activiteiten bij de ghats. "Het zou best leuk zijn als er nog even een spannend lijk voorbij zou komen drijven", zeggen we uit verveling tegen elkaar. We krijgen vrijwel meteen ons zin. Eerst zien we niet goed waar we naar kijken maar als het voorwerp dichterbij komt drijven en een aantal bootsmannen het tussen de boten wegduwen zien we wat het is. Het lijkt zit nog op de bamboe palen die als baar worden gebruikt en lijkt voor een deel verbrand te zijn. Ik had al gehoord dat familie soms niet voldoende hout kan kopen om het gehele lijk mee te kunnen verbranden. De rest wordt dan zonder meer in de Ganges geschoven. Het voelt behoorlijk mensonterend...
Even later ziet Tarah tegen de gevel van een huis beneden ons een vreemd beest. Als we met onze camera's inzoomen blijkt het een soort varaan te zijn. Weliswaar veel kleiner dan de Komodovaraan maar onmiskenbaar een varanenkop. Het dier scharrelt wat rond en verdwijnt dan uit beeld.

Ruim op tijd zitten we klaar voor de taxi maar er komt niks. Ruim 20 minuten te laat komt er eindelijk een mannetje opdagen die ons via nog kleinere steegjes die we eerder niet eens hadden gezien naar de hoofdweg brengen. Er worden twee riksja's voor ons geregeld en dan vertrekken we. De straten zijn volledig verstopt en we schieten voor geen meter op. De chauffeur vraagt wanneer de vlucht gaat en roept dan dat we het met de riksja niet gaan redden. Hij vertelt ons dat hij op zoek gaat naar een autotaxi. We rijden wat rondjes maar er lijken geen beschikbare taxi's te zijn. Eindelijk vinden we er een en de bagage wordt overgeladen in de jeep-achtige wagen. Vervolgens begint de chauffeur van de riksja te klagen over geld. Hij moet meer geld, dat moeten we aan hem geven en hij geeft het dan aan de andere chauffeur. Ik vraag drie keer waarom maar hij geeft geen antwoord. Geïrriteerd omdat we al zo laat zijn en hij dan ook nog eens begint de neuzelen druk ik hem wat biljetten en de hand en roep dat we NU vertrekken. Gelukkig kunnen we dan verder. Eenmaal op het vliegveld blijkt de vlucht 20 minuten vertraging te hebben. Na alle bagagechecks, fouilleringen en het inchecken moeten we alsnog meer dan een uur wachten voor we kunnen boarden.

De vlucht verloopt soepel en een uurtje later is Indira Gandhi airport al in zicht. Het duurt alleen zeker een kwartier voor we uitgetaxied zijn en bij de gate zijn. We hadden in de Lonely Planet gelezen dat er inmiddels een metrolijn naar het centrum zou moeten zijn in verband met de Commonwealth games die over twee maanden in Delhi beginnen. Helaas is de lijn niet klaar en blijven de bus en een taxi over. We kiezen voor de taxi en de chauffeur brengt ons naar de wijk Paharganj waar we een hotel willen zoeken. Er wordt flink verbouwd en opgeruimd in Delhi, ongetwijfeld allemaal vanwege de Commonwealth Games. Ook het station en het stationsgebied zijn extreem onderhanden genomen. Maar onze mond valt open als we de hoofdweg door Paharganj zien. Alle gevels van de huizen zijn weg. Het is alsof we in een scène van de game Uncharted zitten. Het blijkt dat men de straat aan het verbreden is en de enige manier om dat te doen is om enkele meters van de voorzijden van het huis te slopen en er weer een nieuwe voorgevel te metselen. Dat zou de gemeente Groningen niet zomaar voor elkaar krijgen in de Herestraat...

We worden aangesproken door een tout die ons meesleept naar een hotel. Barth gaat de kamer bekijken maar ik ben niet overtuigd dat het wat is. De dames willen vanavond een beetje luxe. Ik voel me best beroerd en wil niet in een budget hotel maar in een lekker zacht bed. "I want a better hotel!", roep ik. Dat horen ze in de backpackers straat van Delhi vast niet vaak... Dus neemt het mannetje ons mee naar een ander hotel en dat is 'm. Zachte bedden en een televisie, heerlijk. Helaas blijkt het bed wat voor Tarah wordt bijgeplaatst zo hard als een plank. We laten nog een ander bed aanslepen maar dat is ook niks. Uiteindelijk biedt Barth aan om in dat bed te gaan slapen zodat Tarah bij mij in het zachte bed kan. De lieverd... Barth en ik gaan nog even de taxi van Delhi naar Dharmsala regelen en dan is het tijd voor een welverdiend dutje, we hebben morgen een lange dag voor de boeg.

zondag 8 augustus 2010

Donderdag 5 augustus 2010 - Varanasi


GeoTagged, [N28.53866, W77.08661]

Om kwart voor vijf gaat de wekker. We hebben de avond van tevoren met de bootman afgesproken dat we om half zes met hem een twee uur durende boottocht over de Ganges gaan maken. Hij staat al op ons te wachten. De boot is er nog niet, die wordt even later door een jong mannetje gebracht. Blijkbaar doet onze bootman zelf niets want net als gisteren gaat hij zelf op de voorkant van de boot zitten en laat het roeiwerk aan de ander over. We varen eerst stroomopwaarts richting Assi Ghat. Achter ons komt de zon als een prachtige rode bol op.

Er is wel bedrijvigheid op de oever maar het zicht op de ghats en daarmee ook op de mensen die de puja-ceremonie uitvoeren wordt ons door de vele boten die er liggen ontnomen. Het komt mij ook voor dat er in 1995 veel meer mensen de ceremonie uitvoerden. Bij deze ceremonie dompelen pelgrims zichzelf onder in de Ganges en laten ze, onder het uitspreken van gebeden, Gangeswater uit een goudkleurige pot lopen. We zien maar een enkeling dit doen, de anderen zijn zich slechts aan het wassen.

Tijdens het varen ontstaat een discussie over de prijs. De man wil weer teveel geld. Het begint me de keel uit te hangen. Ik voel me al niet zo lekker en dan dat constante onderhandelen, ik ben d'r helemaal klaar mee. De boottocht valt mij helemaal wat tegen, het maakte vijftien jaar geleden veel meer indruk. Ik ben dan ook blij dat we weer in het hotel zijn. We nemen een ontbijtje op het terras en chillen een beetje. In de loop van de ochtend blijkt dat ik een behoorlijke 'Delhi-belly' heb en ik word in de uren erna steeds zieker. Toch blijkbaar ergens mijn karma verpest in de afgelopen dagen...

Tarah gaat er ondertussen alleen op uit. Ze komt al snel een jongen tegen die haar rondleidt door de smalle straatjes en haar meeneemt naar een aantal tempels en nog weer naar de burning ghats. Meeste indruk hier maakte wel het geluid van een ontploffend hoofd, begrepen we later van haar. Ook vraagt de jongen haar of ze naar een waarzegger wil. Dat lijkt haar wel grappig maar al snel blijkt dat de man belachelijk hoge prijzen vraagt en als ze weigert de guilt-trip kant opgaat. Als ze weigert een donatie te geven voor het goede doel begint de man een preek te geven en dan is Tarah er ook klaar mee en vertrekt zonder dat hij ook maar iets aan haar heeft verdiend. Klasse!

Als ze in de middag terugkomt sta ik op mijn kop van de maagkrampen. Als we aan het eind van de middag toch maar kiezen voor een antibiotica kuur en Barth de weg gaat vragen naar de dichtstbijzijnde apotheek spreken twee Spaanse meisjes hem aan, ze hebben een kuur bij zich die ik mag hebben. De rest van de dag gaat grotendeels aan mij voorbij, ben te ziek om er veel van mee te krijgen en val uiteindelijk in slaap.

Ook voor Tarah en Barth gaat de rest van de dag rustig voorbij. Op de foto zie je hen terwijl ze beneden in de Ganges een lijk voorbij zien drijven ;-)

Woensdag 4 augustus 2010 - Varanasi


We beginnen de dag met een ontbijtje op het terras. Het weer is helemaal opgeknapt, de zon schijnt weer uitbundig over de Ganges.

We moeten eerst een ATM zien te vinden maar daarvoor moeten we ons eerst een weg banen door de smalle straatjes. Meer dan eens wordt de weg geblokkeerd door koeien of geiten, motorrijders toeteren je opzij en ondertussen moet je ook nog oppassen om niet in een grote vlaai koeienstront te stappen. Door vaak te vragen komen we uiteindelijk bij de hoofdstraat. Net als gisteren is de chaos hier compleet. Maar toch weet iedereen elkaar te ontwijken, mens, dier en machine.

De ATM is snel gevonden. Toen we in 2001 in India waren moesten we het nog doen met Traveller's cheques wat soms een uur of langer kon duren voor die ingewisseld waren. Nu heb je binnen twee minuten een pak rupees in je handen.

We zetten een vector uit naar de Vishwanath, ofwel de Gouden Tempel. Het is de meest populaire Hindu-tempel van Varanasi en is opgedragen aan Vishveswara: Shiva als heer van het universum.

In 1995 konden we zo doorlopen maar nu wordt het straatje waaraan de tempel ligt door een aantal militairen bewaakt. Om binnen te komen moeten we eerst onze rugzakjes en camera's afgeven bij een winkeltje waar ze in een kluisje kunnen, alleen paspoorten en geld mogen mee. Ik stop alles in een klein tasje en we kopen nog een mandje met offerandes voor Shiva. Bij de ingang van het straatje worden we gefouilleerd en mijn tasje wordt binnenstebuiten gekeerd. Vijftig meter verderop is de ingang van de tempel maar ook hier worden we weer tegengehouden. We moeten ons eerst melden bij een stel onvriendelijk kijkende dikke militairen en ons registreren. Het is er bloedheet en de wind van de ventilator boven de mannen bereikt ons niet waardoor het zweet met straaltjes over ons lijf glijdt.

Als we eindelijk verder mogen worden we bij de ingang nogmaals gefouilleerd en wordt mijn wederom binnenstebuiten gekeerd. Dan mogen we door. Maar de vrouwelijke militair die mijn tas heeft bekeken wordt teruggefloten: mijn tas mag niet mee naar binnen. Ze gebaren dat ik hem achter kan laten bij de militairen. Dat doe ik dus niet. Al ons hebben en houwen zit hierin en ik vertrouw het corrupte systeem voor geen meter. Ik besluit dus om buiten te blijven wachten, zij het met de grootste moeite en teleurstelling. Tarah en Barth gaan wel naar binnen en worden rondgeleid door een man die alles aan ze uitlegt. Ze worden naar een groot Lingam beeld gebracht waar ze van een priester een aantal hindu teksten moeten nazeggen. Ze worden gezegend met een stip op het voorhoofd, krijgen een streng bloemen omgehangen en mogen dan het heiligste Shiva symbool van de stad aanraken. Vervolgens krijgen ze het vriendelijke verzoek een donatie te geven voor de tempel. "De meeste mensen geven 1000 Rupees of meer..." krijgen ze te horen. Onder indruk van het ritueel stemmen ze toe. Het laat laat uiteindelijk een wat gemengd gevoel achter, hebben ze nu een genereuze bijdrage geleverd aan de instandhouding van de tempel of zijn ze domweg opgelicht? Direct na de bijdrage worden ze snel weer naar buiten geleid waar ik ze sta op te wachten. Ze zien er kleurrijk uit. Ik besluit zelf niet meer naar binnen te gaan. Ik wilde met Tarah en Barth samen dit ervaren en voel er niet zoveel voor om ook nog eens 1000 rupees (17,50 euro) uit mijn zak geklopt te krijgen. Het is mijn vierde keer India en ik heb de Indiërs zo langzamerhand wel een beetje door. Onder het mom van het geloof worden toeristen graag wat verlicht, wat in dit geval inhoudt dat ze geld uit de zak geklopt wordt. Je mag hier nog net gratis ademhalen, al het andere kost geld. Maar misschien ben ik nu wat te kort door de bocht...

We halen onze spullen op en dan blijkt dat de man die Barth en Tarah heeft rondgeleid ook nog eens 1000 rupees wil hebben. Ik ben er dan helemaal klaar mee, pak m'n spullen, kijk die gozer nog eens vuil aan en vertrek, Barth mag het zelf verder regelen.

Bezweet en een illusie armer beklimmen we de trappen van het Dolphin restaurant om hier op het dakterras iets te drinken en bij te komen. Ook hier is het uitzicht over Varanasi magnifiek. Na een half uurtje besluiten we richting Burning Ghats te wandelen voor een demo lijkverbranding. Onderweg worden we aangesproken door Roy, een elfjarig straatjochie. Hij wil ons wel leiden. Hij is supercharmant en ontwapenend en we gaan akkoord. "Watch out!", roept ie om de haverklap als we weer in de koeienstront dreigen te stappen of ons hoofd moeten buigen voor een laag poortje. Dan zijn we bij Manikarnika Ghat, de belangrijkste burning ghat. We worden hier aangesproken door een man die zegt hier vrijwilliger te zijn. Hij leidt toeristen rond en vraagt hiervoor een bijdrage die ten goede komt aan de armen. Zegt hij... Maar hij heeft interessante verhalen en legt het hele ritueel van verbranding aan Barth uit. Tarah en ik staan ondertussen, in de rook en as, toe te kijken naar wat er zich voor onze ogen afspeelt. Terwijl we er staan worden er vier nieuwe lijken op een baar van bamboe, bedekt met goudkleurige doeken aangedragen. Het lijk wordt eerst ondergedompeld in de Ganges om gereinigd te worden. Dan wordt het een half uurtje in de zon gelegd om te drogen en wordt het op een verse stapel brandhout geplaatst. De mannelijke familieleden (de vrouwen zijn er nooit bij) strooien ghee (vloeibare boter dat ook gebruikt wordt voor koken) en sandelhout over het lijk en dan wordt het vuur aangestoken. Het duurt wel even voor het hele lijk verbrand is en bij sommigen steken de voeten er nog uit. Die worden kunstig omgeklapt als de rest al goed verbrand is. Uiteindelijk wordt de as in de Ganges gestort waar mannen deze nog eens filteren op zoek naar gouden kiezen of sieraden. Ook honden snuffelen er rond in de hoop een vers boutje te kunnen bemachtigen mocht niet alles verbrand zijn.

Het klinkt allemaal best heftig, realiseer ik me als ik dit schrijf, maar als je er staat er toekijkt is het allemaal redelijk normaal. Wij verbergen onze dode familieleden in kisten en laten alleen verdriet zien. Hier in Varanasi wordt de cyclus van wedergeboorten doorbroken en is men blij voor de overledene. Verdriet hebben mag, tonen niet want sterven in Varanasi is het mooiste wat een Hindu kan overkomen.

Na een klein uurtje hebben we genoeg gezien. De vrijwiliger incasseert zijn geld (al is het weer niet genoeg, liever had hij nog iets meer gehad) en vertelt dan dat hij in een zijdefabriek werkt. Hij wil ons er graag naartoe brengen. We stemmen toe, we willen nog wel iets kopen.

We zitten er uiteindelijk ruim een uur en krijgen van alles en nogwat te zien. De verkoper hoopt een dikke slag te slaan maar uiteindelijk vertrekken we met wat sjaaltjes en een stuk stof voor Little Goa, ons zomerhuisje. Roy brengt ons terug naar het hotel. Hier worden we aangesproken door een bootman. We spreken met hem af dat we om zes uur met hem een avondboottocht gaan doen.

We eten eerst wat op het terras. Het weer is gelukkig nog steeds goed, er lijkt geen kans op een herhaling van gisteravond. Om zes uur lopen we naar de Ganges en stappen op de boot. We laten ons stroomafwaarts meeglijden richting burning ghats. Er is een meisje op de boot gestapt, ze heet Barka en is tien jaar. Ze verkoopt bakjes met bloemetjes en kaarsjes die je op de Ganges kunt laten drijven, bedoeld om mensen voor wie je ze koopt geluk te brengen. We kopen er een aantal voor onze familieleden, voor onze pas overleden poes Mandu en voor Hardy, de vorig jaar verongelukte buurman van Tarah en Jeannet.

Als we even later weer onze ogen focussen op de Ganges zien we iets drijven waarvan we alle drie vermoeden wat het is maar eigenlijk niet willen weten. Het blijkt inderdaad een lijk te zijn. Je wilt het niet zien en toch ook weer wel. Het lichaam is opgezwollen en het gezicht is aangevreten, waarschijnlijk door vogels. Ondanks dat het mijn vierde keer India is zie ik nu voor het eerst een lijk in de Ganges. Het is afschuwwekkend en fascinerend tegelijk maar roept verder geen emoties op.

Dan komen we bij de burning ghats. Er wordt nog steeds druk gecremeerd, er worden op verschillende plekken ruim 450 lijken per dag verbrand. Het gaat dus dag en nacht door.
We gaan weer stroomopwaarts naar Dasaswamedh Ghat voor de dagelijkse ganga aarti ceremonie. Als we aankomen ligt het al vol met boten. We zijn net op tijd om zeven mannen aan te komen zien lopen die onder begeleiding van muziek en zang diverse religieuze handelingen uitvoeren met wierook, rook en kandelaren met kaarsen. Het is wel mooi om te zien maar de diepere betekenis ontgaat ons helaas. Tijd voor ondertiteling :-)

We varen terug naar het hotel en gaan op tijd slapen, we moeten morgen vroeg op voor het puja-ritueel.

Tussentijdse reisupdate: geplande reis naar Leh (Ladakh) gaat niet door

Tot onze ontzetting heeft er in de nacht van donderdag op vrijdag een flashflood plaatsgehad in en rond Leh. Er zijn tot nu toe 140 doden en honderden gewonden te betreuren. Het was ons eerst niet helemaal duidelijk hoe ernstig de situatie was, mede omdat men nog geen duidelijk beeld had van de omvang van de ramp en de infrastructurele gevolgen. Nu is duidelijk dat er 4 kilometer weg is weggespoeld tussen Manali en Leh. Dus ook al zouden we willen, we kunnen er niet komen. En ook al zouden we er wel kunnen komen, er is geen enkele vorm van communicatie met de buitenwereld meer mogelijk en je gaat natuurlijk geen vakantie vieren op een plek waar net zo'n drama heeft plaatsgevonden. Ik herinner me nog de beelden van zonnende toeristen op Koh Phi-Phi na de tsunami terwijl ze om hen heen de lijken uit zee trokken: vreselijk!

We gaan ons dus beraden over het resterende deel van onze reis. We zijn nu in Dharamsala (ja, ik loop een beetje achter met bloggen), eens kijken of de Dalai Lama thuis is!

vrijdag 6 augustus 2010

Dinsdag 3 augustus 2010 - Varanasi


GeoTagged, [N25.33378, W82.99824]

Heel vroeg in de ochtend word ik wakker omdat er iemand nogal hardhandig op mijn tenen tikt. Het is een man. Hij heeft een briefje en een pen in zijn hand en roept iets onverstaanbaars. Hij moet het een paar keer herhalen voor ik hem begrijp. Of ik lunch wil. Ik bestel er drie. Ik probeer nog een beetje te dommelen, het is nog heel vroeg en Tarah en Barth slapen ook nog. De machinist toetert voortdurend. We komen langs veel dorpjes en blijkbaar is het nodig om mens en dier erop te attenderen dat de trein eraan komt.

Even na achten is Barth uit bed dus ga ik er ook maar uit, slapen lukt toch niet meer. Het is, in tegenstelling tot de vorige treinrit, rustig in de trein. Slechts één keer worden we gevraagd of we chai willen. Dat willen we. Om half elf komt de man van de lunch. Hij zet drie papieren borden en wat bakjes met eten neer. Tarah slaapt nog en aangezien we zeker weten dat die toch geen rijst met groente wil (ik eet trouwens ook alleen de rijst op) geeft Barth die maaltijd aan een saddhoe die even eerder was komen vragen om iets te eten. Hij lag op het balkon te slapen en toen Barth hem aantikte kwam hij met de palmen van zijn handen tegen elkaar omhoog. Barth wees hem op het eten en nogmaals gingen zijn handen tegen elkaar. Hij had extreem verbaasd gekeken, vertelde Barth.

Vanaf een uur of elf staan we vlak voor een grote stad stil. We hebben geen idee waar we zijn en balen van het schijnbare oponthoud. Als we tegen twaalven weer gaan rijden zie ik het bord met de naam van het station: Varanasi Cantt. We zijn er al! Snel pakken we onze spullen in en stappen uit. Vrijwel meteen worden we aangesproken door een man die ons aanbiedt voor 50 rupees ons naar het hotel te rijden. Het lijkt erg weinig en ik ben wat cynisch. Er zal wel weer iets achter zitten. We worden met z'n drieën en bagage in één autoriksja gepropt en daar gaan we, de gigantische verkeerschaos in. Het duurt niet lang voor onze chauffeur de riksja aan de kant zet en ons vertelt dat we verder moeten lopen naar het hotel. Dat klopt, dat wisten we ook. De straatjes naar de ghats (rituele bad- en crematieplaatsen) zijn zo nauw dat er maar net twee mensen elkaar kunnen passeren. We vragen meermalen de weg en uiteindelijk loopt er iemand met ons mee om de weg te wijzen. We lopen zeker een kilometer door de straatjes. Ik ben er van overtuigd dat de riksjarijder ons veel te ver van het hotel heeft afgezet. Hij had dan behoorlijk om moeten rijden en dat zou meer gekost hebben. En als we later op de kaart kijken blijkt dit ook te kloppen. Hij had blijkbaar geen zin om langer door de drukte te rijden. Maar goed, we zijn er!

Alka hotel ligt pal aan de Ganges in een bocht waardoor je vanaf het terras een prachtig uitzicht hebt over de Ganges en de ghats. Onze kamer ligt aan het terras en we hoeven alleen maar de hoek om te gaan om van het uitzicht te genieten.

We douchen en gaan dan "even" liggen. Als we wakker worden is het al avond. We gaan op het terras zitten en bestellen wat te eten en genieten van alles wat er langsglijdt. Maar niet lang. Het betrekt, begint stevig te waaien, de eerste druppels vallen en voor we het weten stortregent het en vliegt het plastic meubilair ons om de oren. De overkant van de Ganges is onzichtbaar geworden. We hebben vreselijk medelijden met al die toeristen die even daarvoor in hun bootjes langs waren komen varen, ze moeten het behoorlijk te verduren hebben gehad.

Het blijft de hele avond regenen dus gaan we in onze kamer wat lezen en een hele slechte film (Hot Shots: part deux, werkelijk abominabel slecht) kijken. Ach, je moet toch wat..

woensdag 4 augustus 2010

Maandag 2 augustus 2010 - Agra & trein Agra --> Varanasi


Taj Mahal dag! Om kwart over vijf gaat de wekker maar als we buiten komen blijkt dat we eigenlijk al wat te laat zijn, de zon is al op. Bij de poort worden we gefouilleerd en worden onze tassen doorzocht. Tarah's sjaal wordt in beslag genomen omdat er religieuze afbeeldingen op staan en zo ook onze microfoon voor de videocamera en de afstandsbediening voor het fototoestel. We kunnen ze later weer ophalen. Dan zijn we binnen. Via de binnenplaats lopen we naar de poort en daar staat ze, het mooiste liefdessymbool ooit gebouwd: de Taj Mahal.

Voor wie het niet weet: de Taj Mahal is gebouwd in opdracht van keizer Shah Jahan als aandenken aan zijn vrouw Mumtaz die overleden is tijdens de geboorte van hun 14e kind in 1653. De Shah zijn hart was gebroken, hij zou door zijn verdriet in één nacht grijs zijn geworden. In hetzelfde jaar is gestart met de bouw van de Taj Mahal. Het hoofdgebouw zou in acht jaar gebouwd zijn maar het zou tot 1653 duren voordat het hele complex klaar was. Niet lang daarna werd de Shah onttroond door zijn zoon Aurangzeb en gevangen gezet in Agra Fort. Hier zal hij, met uitzicht op de Taj Mahal waar zijn geliefde Mumtaz ligt, de rest van zijn dagen slijten tot hij in 1666 overlijdt en naast Mumtaz wordt begraven.

We lopen langzaam al fotograferend naar de Taj. Het is werkelijk een schitterend bouwwerk. Meer dan 20.000 arbeiders hebben er aan gewerkt en er zijn zelfs specialisten uit Europa gehaald om de verfijnde marmeren panelen en de inleg van halfedelstenen te maken. In 2002 is de Taj schoongemaakt met een mengsel van aarde, melk en limoen wat ooit door Indiase vrouwen werd gebruikt om hun huid te verjongen.

We blijven een kleine drie uur bij de Taj en gaan dan ontbijten in een rooftop restaurantje. Vervolgens stappen we in een autoriksja richting Agra Fort.

Het fort is een van de mooiste Moghul forten in India. Het is gemaakt van rood zandsteen en ligt, net als de Taj Mahal aan de Yamuna rivier. Het fort is ook door keizer Akbar gebouwd, de bouw is in 1565 gestart. Shah Jahan heeft er nog enkele marmeren delen aangebouwd. Het was bedoeld als militair fort maar (gelukkig, want het is een prachtig fort) heeft Shah Jahan er een paleis van gemaakt voor het gedurende acht jaar zijn gevangenis werd.

Met de autoriksja laten we ons naar de Itimad-Ud-Daulah, de tombe van Mizra Ghiyas Beg, de grootvader van Mumtaz brengen. De bijnaam van de tombe "Baby Taj" heeft het gekregen omdat het lijkt op de Taj. Het is veel kleiner en minder imposant maar het ziet er verfijnder uit door de inleg van de marmeren panelen.

Het is bloedheet en de zon schijnt onverbiddelijk. We hebben het eigenlijk wel een beetje gehad voor vandaag maar laten ons toch nog naar de oever van de rivier brengen voor een uitzicht op de Taj vanaf de andere kant van de Yamuna. Er is er een parkje aangelegd waar we eerst doorheen wandelen en dan zien we de Taj weer liggen. Ook vanaf hier, met de rivier op de voorgrond, is de aanblik magnifiek. Dit gebouw verveelt echt nooit...

Als we later in het hotel een dutje hebben gedaan gaan Tarah en Barth op stap om postzegels te kopen. Het blijkt dat het postkantoor zeker 5km van het hotel ligt dus nemen ze een fietsriksja. De berijder is blij met hun klandizie, ze zijn de eerste klanten van de dag. Hij vraagt ze honderd uit over van alles en nogwat (waar de man de adem vandaan haalt tijdens zo'n fietstocht is onbegrijpelijk) en net voor sluitingstijd levert hij z'n vrachtje af bij het postkantoor.

We gaan een hapje eten bij hetzelfde restaurant als vanochtend om hopelijk nog iets van een zonsondergang te zien maar het is te bewolkt.
Weer terug in het hotel wachten we tot het kwart voor elf is. We hebben met de autoriksjarijder van vanmiddag afgesproken dat hij ons naar het station rijdt. Hij staat al op ons te wachten en levert ons keurig op tijd bij Agra Cantt af. De trein komt net binnenrijden en we zoeken onze coupé. We schrikken een beetje, want deze trein is nog een maatje ouder en viezer dan de vorige. Tot overmaat van ellende blijkt er op de grond bij onze bedden een flinke plas kots te liggen. Op dat soort momenten verlang ik naar de properheid in de Chinese treinen... We ruimen de kots zo goed en zo kwaad als mogelijk op en installeren ons op de bedden. Iemand vraagt nog aan ons waarom we geen eerste klas bedden met airco hebben geboekt. En dat vraag ik mezelf op dat moment ook af...

dinsdag 3 augustus 2010

Zondag 1 augustus 2010 - Agra & Fatehpur Sikri


Het wakker worden was nog niet zo gemakkelijk. Rond tienen hebben we eindelijk de moed verzameld om uit bed te stappen. We zijn alle drie nog wat moe van de lange treinreis maar willen toch ook graag naar Fatehpur Sikri, de verlaten stad op zo'n 40km afstand van Agra.

Op het moment dat we Agra per taxi verlaten begint het weer hard te regenen en in een mum van tijd staan de straten blank. Het is ook nog eens bijzonder druk op straat en dat maakt dat we er lang over doen om daadwerkelijk uit de stad te komen. De weg naar Fatehpur Sikri is lange tijd tweebaans en druk. We houden af en toe ons hart vast voor mens, dier en machine maar ook nu gaat het weer aldoor goed.

Na een uurtje komen we aan bij een parkeerplaats waar natuurlijk al een gids op ons staat te wachten. We zijn echter in de afgelopen jaren wel overtuigd geraakt van de toegevoegde waarde van een gids dus we gaan akkoord. Met z'n vijven stappen we in de riksja en rijden naar de ingang van het complex. Het bestaat uit twee delen: het paleis-deel en het moskee-deel. We bezoeken eerst het paleisgedeelte.

Fatehpur Sikri is tussen 1571 en 1585 gedurende de heerschappij van keizer Akbar kortdurend de hoofdstad van het Moghul keizerrijk geweest. Toen hij eerder een bezoek bracht aan het dorpje Sikri werd hier voorspeld dat er opvolger voor de troon zou worden geboren. Toen deze voorspelling uitkwam bouwde hij hier zijn nieuwe hoofdstad. Helaas bleek al snel dat er in dit gebied een groot gebrek aan water was en werd snel na de dood van Akbar verlaten. Alleen de moskee is nu nog in gebruik.

Met onze gids wandelen we over het paleisterrein. De gebouwen zijn prachtig. De keizer had drie vrouwen: een christelijke Portugese vrouw uit Goa, een moslimvrouw uit Turkije en een Hindu-vrouw welke hem de troonopvolger schonk. Iedere vrouw had een eigen verblijf, maar die van de Hindu-vrouw was vele malen mooier en groter dan de andere twee huizen.
Ik ben hier in 1995 geweest en herinner me een bijna verlaten stad met wat toeristen. Nu lopen er voornamelijk Indiase mensen rond, volgens onze gids locals die een dagje uit zijn.

Via een zijpoort verlaten we het paleis en lopen naar de moskee. Voor de ingang is het enorm druk maar binnen lopen duizenden mensen. Ik kan me eigenlijk niet herinneren dat ik hier in 1995 geweest ben. Onze gids vertelt dat het een feestdag is en dat het daarom zo druk is. Inmiddels is de zon uitbundig gaan schijnen en de temperatuur loopt snel op. We wandelen naar de moskee en krijgen uitgelegd dat je binnen een stukje draad aan een van de uit marmer gesneden panelen kunt knopen en dan mag je een wens doen. Tarah mag deze wens aan niemand vertellen want anders komt ie niet uit maar echtgenoten mogen het elkaar wel vertellen. Ook kun je een stuk stof kopen die je op een baar in de moskee kunt leggen. Deze stof wordt dan aan arme mensen in de omgeving geschonken. We kopen alle drie een stukje draad en gaan, na een plastic hoofdbedekking opgezet te hebben gekregen, naar binnen. We knopen ons stukje touw aan het paneel, doen onze wens, lopen om de baar in het midden heen en krijgen een zegening. Nu maar hopen dat onze wensen uitkomen...

Als we uit het complex komen staat onze riksja al op ons te wachten en even later zitten we in de taxi terug naar Agra. Na een dutje en een douche zoeken we een internetcafé om een vlucht te boeken van Leh naar Delhi. We willen de zware rit door de bergen niet twee maal doen en met een vlucht van anderhalf uur besparen we twee dagen reizen. Hierna gaan we eten in het Taj Cafe. Hier hebben we voor het eerst echt zicht op de Taj Mahal. We hopen op een mooie zonsondergang maar de wolken belemmeren dit helaas. Maar het uitzicht blijft prachtig en doet ons verlangen naar morgen, het moment dat we de Taj in al haar schoonheid mogen aanschouwen!

Zaterdag 31 juli 2010 - trein Mumbai --> Agra


GeoTagged, [N27.14049, W78.04138]

Een paar stations nadat we vertrokken zijn, we hebben ons inmiddels in onze keiharde bedjes genesteld, stapt een gezin bestaande uit een echtpaar, een oude vrouw en 4 kinderen in. Ze gaan op een vrij bed vlak bij ons zitten. Ze lijken met z'n zevenen maar één bed te hebben gekocht. Na verloop van tijd dut ik weg maar word weer wakker omdat ik Tarah hoor praten. Het blijkt dat er een kind bij haar in bed gelegd is. Ook bij het jongetje in het bed boven ligt een kind en oma is lekker comfortabel op de grond tussen de bedden in gaan zitten. Tarah voelt zich niet op haar gemak met het kind aan haar voeteneinde, ze is bang dat ze het er in haar slaap af zal duwen dus gebaart ze dat de moeder het kind weg moet halen., wat deze ook doet. Maar we krijgen steeds meer de indruk dat deze mensen of helemaal geen kaartjes hebben of stoelkaartjes hebben gekocht en in de hoop enkele lege bedden aan te treffen naar de sleeperclass zijn gekomen.

Van een intercity kan niet worden gesproken. De trein stopt gedurende de nacht op ieder klein stationnetje en blijft soms lang staan. Het is de hele nacht een komen en gaan van mensen die maar een deel van de reis doen. In de vroege ochtend blijkt er iemand anders in het bed van het gezin te liggen, het gezin zelf is uitgestapt.

Al heel vroeg lopen de verkopers in de trein af en aan met water (pani), thee (chai), frisdrank en allerlei soorten etenswaren. Op gegeven moment komt er een man bij ons zitten die brood met omelet en "cutlets", een soort aardappelkroketten op onze bank gooit. En voor we het weten hebben we betaald en is ie weer weg. Overdonderd kijken we wat we hebben gekocht: drie stuks omelet met twee sneetjes brood en 6 cutlets, allemaal vers bereid en nog warm. We proberen de cutlets. Deze smaken voortreffelijk, lekker knapperig en precies goed gekruid. De omelet is een ander verhaal. Hier zitten groene pepers in en zijn extreem scherp. Geen ontbijtmateriaal, besluiten we. Gelukkig hebben we ook de lekkere broodjes die we in Mumbai gekocht hebben nog plus een pak appelsap en sinaasappelsap.

Gestaag worden we gedurende de dag door het prachtige Indiase landschap getrokken. We zien kudden geiten, vaak gehoed door kinderen of oude mensen, badderende buffels en heel veel koeien. De mensen zijn hard aan het werk op de vele rijstvelden. De vrouwen zitten op hun hurken tussen de jonge rijstplantjes, de mannen ploegen met hun buffels met ploeg de velden om. Ik spot veel koereigers, pauwen, roofvogels en tot mijn grote vreugde zelfs twee schitterende kraanvogels en af en toe een ijsvogeltje. En oh ja, heel veel poepende mensen!

We doden de tijd met lezen, dutjes, naar buiten kijken en af en toe een gesprek met een medereiziger die nieuwsgierig ons het hemd van het lijf vraagt.
Als na een tijdje de Moslim man en zijn zoontje uitstappen nodigt hij ons uit mee te komen en gast te zijn in zijn huis. Tot onze spijt moeten we bedanken. Het is niet handig om de reis te onderbreken zonder een idee te hebben wanneer we weer verder kunnen reizen.
Het blijft een drukte van jewelste in de trein door alle verkopers. Om het hardst schreeuwen ze wat ze verkopen. We maken voornamelijk gebruik van de chai-wallahs. Het is ondanks de ventilatoren en open ramen warm in de trein dus we drinken veel.

Aan het einde van de dag beginnen we het zat te worden, zeker als de trein bomvol met forensen komt te zitten. Ze geven aan dat ze maar drie kwartier hoeven mee te reizen maar de trein staat bijna een uur stil. Er is maar één spoor en de trein uit de tegenovergestelde richting heeft vertraging dus wij moeten wachten.

Tegen half elf 's avonds bereiken we eindelijk Agra. Barth en ik zien een beetje op tegen deze stad. We zijn er beiden twee maal eerder geweest en werden toen echt gestoord van het opdringerige gedrag van de mensen. En erg aardig vonden we ze ook niet. We lopen het station Agra Fort uit op zoek naar een taxi. Er is altijd wel één mannetje die zich als eerste meldt en ditmaal ook. Hij vraagt tweemaal de gangbare prijs en ik heb geen zin om dat te betalen ook al ben ik moe en vies en wil ik zo snel mogelijk douchen en slapen.
Een autoriksha-rijder wil ons wel brengen. Wij roepen aldoor dat we nooit met drie man plus bagage in zo'n klein ding passen maar hij is onvermurwbaar: "is possible, is possible!". Nou ok dan. Tot onze verbazing krijgt hij alles en iedereen er nog in ook. Het duurt even voordat de motor gestart wil maar dan zijn we ook op weg naar hotel Sheela.

We rijden ter hoogte van Agra Fort en bewonderen het prachtig verlichte gebouw als Barth en ik iets horen vallen. Maar voor we er iets over kunnen zeggen klinkt er een harde knal en hellen we met het hele karretje naar links over. We hebben een klapband. De chauffeur baalt duidelijk maar zet dit snel opzij. Hij probeert voor ons ander vervoer te regelen maar helaas komt er maar sporadisch iets voorbij. Er stopt een jonge man op een motor, even later nog een en dan stopt een groot uitgevallen autoriksha. Er wordt heen en weer gediscussieerd en even lijkt het erop dat het wagentje wegrijdt maar dan mogen we toch instappen. De discussie bleek te gaan over het feit dat de chauffeur ons hotel niet weet te vinden maar de motorrijders (er is inmiddels een derde bijgekomen) hebben aangeboden mee te rijden om de weg te wijzen. We geven de onfortuinlijke chauffeur toch zijn geld (waar hij erg blij mee is) en vertrekken. Met een escorte van drie motoren voor, links en rechts van ons rijden we naar het hotel dat vlak bij de oostelijke toegangspoort van de Taj Mahal zit. We wurmen ons door de nauwe straatjes rond de Taj en bij een wegblokkade stoppen we. De auto mag niet verder en we moeten verder lopen. We bedanken de motorrijders en betalen de chauffeur en lopen in de aangewezen richting. Het zou maar een paar honderd meter zijn en dat klopt. Vlak bij de oostelijke poort zien we hotel Sheela. Het hek zit dicht. Ik roep en druk op iets wat lijkt op een lichtschakelaar en even later komt er een mannetje aanschuifelen. "Hotel is full", roept hij. Ik antwoord dat we een reservering hebben en voel hoe mij en de andere twee de moed in de schoenen zakt. Er zal toch niks misgegaan zijn? Ik zeg nogmaals dat we gereserveerd hebben en dan sloft het mannetje richting receptie. Al snel komt hij weer terug en opent het hek. Bij de receptie worden we vriendelijk ontvangen en we halen opgelucht adem als we Barth zijn naam in het grote boek zien staan. De man brengt ons naar de kamer. Het is een klein hok zonder ramen met maar twee bedden. Maar voor we ons daar druk over kunnen maken komen er twee mannetjes aanlopen met een bed, een matras, beddengoed en handdoeken. In India is dat allemaal zo geregeld, geweldig! En dan is het eindelijk tijd voor die (koude) douche en mogen we slapen...